In 1783 wordt aan een nieuw gebouw voor de zieken begonnen van 134 bij 30 voet met een stenen onderbouw. Op de zolderverdieping worden zes personeelskamers ingericht.

In 1784 worden in het negerhospitaal de zolderkamers afgebroken waardoor ruimte ontstond om 100 zieken neer te leggen.

Van 1787 tot 1788 wordt een nieuw laboratorium gebouwd en in 1789 een kegelbaan voor de zieken. Gemak- en washuisjes worden vernieuwd.

In 1793 wordt een nieuwe galerij aan het grote hospitaal gebouwd en een nieuwe regenbak van 1200 ton (1791).
In datzelfde jaar werd Jan Jacob Bloom tot 'binnenvader' en zijn vrouw tot 'binnenmoeder' van het hospitaal aangesteld.
Het grote, nu nog bestaande, gebouw op het binnenterrein is waarschijnlijk rond 1859 gebouwd

Tussen de hoge neuten van dit nieuwe gebouw bevonden zich de zgn. 'catacomben'. Hierin werden ook patienten 'verpleegd', eerst liggend op matten en doorlopende britsen, pas later op bedden. Daar de vloeren niet waterdicht waren, hadden deze patienten ernstig te lijden onder de lekkage van het schrobwater van de bovenliggende verdieping. Ook licht was een niet aanwezige luxe. In 1909 werd een gedeelte van de catacomben van doorlopende britsen voorzien t.b.v. de jawslijders. Pas bij de verbouwing van 1931-1932 werd aan deze mensonterende toestand een einde gemaakt.

Waarschijnlijk is, dat vanaf 1816 ook burger patienten in het Militair Hospitaal opgenomen werden (Zie Prof. Dr. E. van der Kuyp: Surinaams Medisch Bulletin vol.VIII, nr.3 1984).

De verpleging was toen in handen van ziekenoppassers, die aanvankelijk alleen kost en inwoning als loon kregen.

In 1908 werd op het voorterrein een barak voor besmettelijke ziekten gebouwd.

In 1929 werd, daar de onderhouds- en reparatiekosten van de oude houten gebouwen te hoog werden (oplopend tot f 40.000.-), een plan ingediend voor een geheel nieuw hospitaal. Het plan werd niet uitgevoerd. Er werd tot reparatie en verbouwing besloten. Hierbij werd de trap in de klasse afdeling vernieuwd en omgelegd. Op de tweede verdiepng ontstond daardoor ruimte voor een grotere klassekeuken. Op deze afdeling werden ook 2 badkamers en 4 w.c.'s gebouwd. De klasse afdeling werd vergroot doordat in 1932 de r
ntgen-, diathermie- en hoogtezonafdeling, evenals de kamer van de directrice werden verplaatst. Achter de opnamekamers kwamen schotten, waardoor de interne afdeling ruimte voor keuken en berging kreeg. Zowel beneden als boven werden dwarsgangen aangebracht, waardoor men niet meer door de zalen hoefde om van voor- naar achtergalerij te komen of om naar de O.K. te gaan. Op 2 zalen van de vrouwenafdeling werden de

(Vervolg op pagina 5)

Pagina 4