In 1905 kwam er een lift voor het hoofdgebouw en een eenvoudiger uitvoering voor het vervoer van lijken.

Op 13 augustus 1904 werd de operatiekamer in gebruik genomen. Het is niet bekend waar daarv
r geopereerd werd. Wel is bekend dat al in 1896 een desinfectieoven bestond daar die in dat jaar verbeterd werd en in 1910 vervangen werd. In 1908 kwam achter de operatiekamer een voorbereidingskamer en werd in de operatiekamer een amphitheater gebouwd. In datzelfde jaar werd een proef met een chloroform-, aether-, zuurstof narcoseapparaat genomen. Het apparaat voldeed niet beter dan de oude kap van Esmark. Lumale anaesthesie met stovane werd toen ook gebruikt.
In 1915 werd de desinfectieoven verplaatst naar de wasserij, omdat de rook overlast in de O.K. veroorzaakte. In 1918 werd de oven nogmaals hersteld.
Door gebrek aan onderhoud was de operatiekamer rond 1920 er zo slecht aan toe dat de vloer gestut moest worden. In 1926 werden de wanden met marmolite platen bekleed en in 1931 werd de operatiekamer muskietenvrij gemaakt. Sinds 1931 verbleef er een operatiezuster intern voor spoedoperaties en in 1939 werd er een hoofd van de operatiekamer aangesteld.

Het terrein aan de Gravenstraat tegen de Tourtonnelaan aan werd in 1905 aangekocht met daarop het huis van de Chef Militair Geneeskundige Dienst en in 1908 werd tot aankoop overgegaan van het gebouw tussen het huis van de chef en het Militair Hospitaal, dat overigens al in 1907 aangehuurd was t.b.v. de hoofdzuster. Dit gebouw werd tot 1921 voor dat doel gebruikt. Daarna werd de slaap-zitkamer ingericht als rust- en eetkamer voor de verpleegsters van de 1ste en de 2 de klasse.

Van 1906 tot 1929 heeft het voormalige ziekenhuis van het dorp Republiek op het terrein van het Militair Hospitaal gestaan. Te Republiek was het gebouw neergezet in verband met de aanleg van de spoorweg. Het werd in 1929, toen het Buitengasthuis geopend werd, weer afgebroken.

In 1909 werd in het hospitaal gasverlichting aangelegd. In dat jaar werd namelijk de gasfabriek in bedrijf genomen. Deze gasverlichting bleef functioneren tot 1932, op de eerste verdieping van het frontgebouw zelfs tot 1933.
Electriciteit was er al sinds 1911 opgewekt door een gelijkstroomdynamo in eigen beheer. In 1918 kwam er een nieuwe dynamo en de keuken werd toen ook electrisch verlicht. In 1932 werd het hospitaal aangesloten op het electriciteitsnet van Paramaribo.

Sinds 1913 was er een kinderafdeling ingericht in een apart paviljoen. Bij de verbouwing van 1931-1932 werd dit paviljoen afgebroken en werd deze afdeling bij een vrouwenafdeling ondergebracht. In 1933 kwam er een overdekte kinderspeelplaats. In 1938 werd de voormalige bibliotheek weer als kinderafdeling ingericht.

Voor ziekentransport werd in 1915 een fietsbrancard aangeschaft en een tweede werd in 1922 in eigen beheer gemaakt. Toen het hospitaal in 1928 de beschikking over een ambu

(Vervolg op pagina 7)

Pagina 6