Willoughby's volksplanting was Thorarica de hoofdplaats van Suriname, dat toen in 'parishes' verdeeld was. Thorarica lag in de parish St. Bridget, Santo Bridges of Sinto Bridges en telde een honderdtal woningen, een gouvernementsgebouw, Parhamhouse genoemd, een kapel en waarschijnlijk ook een synagoge.
George Warren, die ten tijde van Byam de kolonie bezocht, beschrijft Torarica als de hoofdstad, 'bestaende in omtrent hondert woninghuysen en een Capelle'. Hij vertelt verder in zijn verslag en dit is ook op de twee ms.-kaarten duidelijk te zien, dat 'voor dese Stadt is een heel fraye Baye ofte Haven, groot en wijt genoech voor hondert Scheepen.' In 1665 verlegde Byam de zetel van de regering naar het fort...
Na de verovering van Suriname door
Crijnssen werd Paramaribo de zetel van het bestuur, maar Lichtenberg hield somwijlen met zijn politieken raad zitting in Thorarica. Van december 1697 tot augustus 1699 stond de Hervormde Gemeente van het plaatsje onder Ds. Bernhart ter Maath. Deze overleed in 1699 en in juli 1700 werd de gemeente met die van Paramaribo verenigd.
Herlein maakt geen melding van het plaatsje, dat evenwel getekend is op de bij zijn boek gevoegde kaart van A. Maars.
Thomas Pistorius, schrijft in diens boek 'Beschrijving van Zuriname 1763' over Thorarica: 'het zelve is mede van gering aanzien; wordende meerendeels bewoond van Arbeidslieden, Planters en Joden.'
Een der divisi
n waarin Suriname verdeeld was, heette tot 1863 Thorarica. Pistorius, die naar verluidt Suriname bezocht heeft vermeld dat de Banisterkreek (nabij Waterland) niet ter plaatse van Thorarica gelegen was.
In 'Schakels met het verleden'lezen we het volgende op blz. 24:
'Gedurende het grootste gedeelte van de Engelse kolonisatie periode was niet Paramaribo, maar Torarica de belangrijkste vestiging in Willoughbyland. Deze nederzetting lag op de linkeroever van de latere plantage La Simplicité, dus vlak voor de tegenwoordige Siparipabokreek.'
Hartsinck, die nooit Suriname bezocht, vergiste zich waarschijnlijk tussen de stad Torarica en de divisie Torarica, die zich ongeveer tot de plantage Waterland uitstrekte. Zandpunt zou 684 akkers groot geweest zijn, evenals de in de Almanak van 1796 vermelde plantage Crommenie, die op die plaats lag, tussen de plantages Over

(Vervolg op pagina 5)

Pagina 4