sopzichter(?), en trachten het meegenomen beeld op te sporen.
(Volgens onze inlichtingen is er vanaf 1900 echter nooit een Wolff bestuursopzichter op Domburg geweest).
Verder zullen bij het Domeinkanoor de historie van 'Oud-Libanon', bij het C.B.L. luchtfoto's en bij de Waterloopkundige dienst kaarten van dit gebied, waar men kortgeleden een dam geprojecteerd had, opgevraagd dienen te worden. Zowaar een hele opgave.
Op 27 december 1988 had ik een gesprek met de staf van het Centraal Bureau Luchtkartering, die ik mijn problemen voorlegde. Zij beloofden al op 29 december een nieuwe kaart van de baai en omgeving voor mij te vervaardigen door de aanwezige luchtfoto's van dit gebied te bestuderen en te verwerken.
Van het Domijnkantoor en het Hypotheekkantoor kon ik een oude kaart van 1774 van het betreffende gebied krijgen, vervaardigd door Greenwald, benevens de historie van de plantage Crommenie.
Volgens hun gegevens zou Crommenie op 1 juli 1869 (Acte A1: 40) toebehoord hebben aan Johanna Catharina Heitweiler, weduwe van Friedrich Wilhelm Hartmann, die op deze datum de plantage voor f 300.= verkocht aan Stephan Christoph Friedrich Neumann.
Per acte van 7 april 1894 (notaris E.A. Cabell) wordt vastgelegd dat Catharina Charlotte Cordua, weduwe van C.S.F. Neumann, Christoph Theodor Neumann, Theodor Albert Hendrik Neumann, Sophie Elisabeth Neumann, dochter van C.S.F. Neumann, (vertegenwoordigd door Mr. Henri Benjamins), de plantages Crommenie en Overbrug in 1891 aan Simon Boston (vertegenwoordigd door J.J.H. Hoelen) verkocht hebben voor f 800.=

De tweede expeditie

Op 26 december 1988 maakten we de tweede tocht naar Torarica. Per boot vertrokken we van Paranam en voeren ditmaal met vloed de rivier op. We besloten, daar onze 'gids' niet was komen opdagen, eerst de omgeving zuidelijk van de baai te inspecteren. Na de Nachtegaalkreek ongeveer 100 meter opgevaren te zijn gingen we aan de noordelijke oever aan wal bij een trapje dat de heer Weekers waarschijnlijk gebruikte om naar zijn kostgrondje te gaan. Inderdaad vonden we het kostgrondje en hier en daar lagen stapeltjes oude flessen, die

(Vervolg op pagina 14)

Pagina 13